Ga naar hoofdinhoud
tessa@gottschalmeditaties.nl | Nieuwsbrief ontvangen? Klik hier om je in te schrijven.

Ayurvedische Constitutie & Meditatie

Mediteren gaat niet altijd zonder slag of stoot. De constitutie -dat is de natuurlijke lichamelijke en geestelijke aanleg- kunnen specifieke moeilijkheden tijdens het mediteren geven. De Ayurveda geeft heel duidelijke aanwijzingen over de verschillen, waarmee je je voordeel kunt doen.

Ayurveda

Volgens oeroude stromingen is het universum opgebouwd uit vijf subtiele elementen: ether, lucht, vuur, water en aarde.Deze vijf elementen zijn in onderling verschillende verhoudingen overal aanwezig. In het lichaam, in voedsel, water, lucht enz. Vanuit deze vijf elementen ontstaan drie fysieke fundamentele principes, en wel die van beweging, stofwisseling en structuur.

Deze drie principes reguleren de fysiologie van het lichaam en maken de interactie tussen lichaam en geest mogelijk. Ieder mens is uitgerust met een bepaalde samenstelling van deze principes. Dit vormt de geboorteconstitutie.

Ayurvedische constitutie en meditatie

Doordat de samenstelling van mens tot mens verschilt kunnen er diverse constitutietypen onderscheiden worden. De Ayurveda hanteert een verdeling van de constitutie waarin hierboven genoemde principes beweging, stofwisseling en structuur respectievelijk Vata, Pitta en Kapha genoemd worden. Wij hebben rond 1993 deze woorden voor het gemak vertaald met de symbolische metaforen Hert, Tijger en Olifant. Simpelweg omdat in die tijd deze Indiase woorden mensen niet aansprak. Na zovele jaren is de Ayurveda goed ingeburgerd en zijn de Indiase termen Vata, Pitta en Kapha beter bekend geraakt.

Beweging – Stofwisseling – Structuur

Bij het Hert zijn de elementen ether en lucht overheersend, bij de Tijger vuur en bij de Olifant water en aarde.
Onder het principe van de beweging vallen de ademhaling, het zenuwstelsel, hormoonachtige stoffen door het lichaam verplaatsen etc. Beweeglijkheid is ook wat het meeste opvalt bij mensen die een duidelijke Hert constitutie hebben.

Tot de stofwisseling hoort het omzetten van diverse stoffen, voedsel, water, lucht en andere stoffen. Het woord stofwisseling zegt het al: het wisselen van de stoffen. Als er een kenmerk is dat bij Tijgers opvalt is dat ze een sterke vertering hebben. Het klinkt onelegant, maar ze zijn als een vuilnisbakkenras: ze kunnen nagenoeg alles eten zonder dat het veel last geeft.

Onder het principe van de structuur vallen de pezen en botten, de spieren en het vetweefsel. Mensen met een Olifant constitutie hebben van nature stevige botten en sterke spieren. Ze krijgen niet zo snel een sportblessure, zoals bijvoorbeeld het Hert.

Zwakte van elke constitutie

Boek Tessa Gottschal & Marijke de Waal Malefijt ’t Went zo’n element

Zoals elke constitutie zijn specifieke goede kwaliteiten heeft, kent ook iedere constitutie zijn speciale zwaktes. Is er bijvoorbeeld teveel beweging bij het Hert dan ontsporen juist die organen of orgaansystemen die van nature al veel met beweging te maken hebben zoals het zenuwstelsel. Ze raken bijvoorbeeld nerveus, worden druk of onrustig. Bij de Tijger kan teveel vuur leiden tot ontstekingen en de Olifant kan last krijgen van luiheid en overgewicht.

Kwaliteiten

Elke constitutie kent zijn speciale kenmerken, krachten en zwakten. Hieronder staan de diverse krachten en zwakten voor ieder type tijdens het mediteren. Natuurlijk is geen enkel mens honderd procent Hert, Tijger of Olifant. Iedereen is een mengvorm. Al komen er incidenteel mensen voor waarbij een element uitzonderlijk dominant is.

Wil je weten of je voornamelijk Hert- Tijger- of Olifantkenmerken Welke leefregels voor jou van toepassing zijn. Welke voe-ding bij jou hoort? Lees ‘t Went zo’n element’, omgaan met uw constitutie‘ en doe de Constitutietest op onze praktijksite.

Het Hert (vata)

Denes7686, pexels.com

Het grootste probleem dat het Hert tegenkomt bij mediteren is de zwakke concentratie. Beter is het te zeggen dat het niet zozeer zwak is als verdééld. Het Hert dient veel aandacht te geven zijn concentratie op één punt te houden. Binnen een seconde denkt het Hert weer aan wat anders. Dit is een onderdeel dat continue de aandacht van het Hert vraagt.

Automatisch leidt dit tot een sterk punt van het Hert. Het is in staat om twee -zelfs meer- zaken tegelijkertijd te doen. Alleen wanneer dit bewust ėn beheerst gebeurt, levert dit voordelen op. Bij het gros van de Herten, levert het alleen een grotere versplintering van hun energie op en leidt dit tot onrust, nervositeit en een nog slechter concentratievermogen.

De Tijger (pitta)

In tegenstelling tot het Hert kan de Tijger zich zeer gemakkelijk én voor lange tijd achtereen con-centreren. De Tijger knokt niet zoals het Hert met zijn continue on-rust. De Tijger knokt met zijn doelgerichtheid. Hij is gewend als hij ergens zijn zinnen op zet, dan lukt dat. Deze ferme doelgerichtheid speelt hem bij het mediteren parten. Bijv. doordat hij eerst het nut (het doel) wil weten. ‘Wat levert het me op wat ik anders ook al niet bereik?’

De Tijger’s grote doel-gerichtheid hindert nu het vermogen zaken te laten gebeuren zònder in te grijpen en te sturen. Het systeem van de Tijger is zó gericht op doen-doen-doen. De kracht van láten daar ziet hij geen heil in. Zijn snelle conclusie is: ‘Geen duidelijk doel? Dan heeft het geen zin, dus doe ik het niet…’

De Olifant (kapha)

wwf Peter van Norde

De Olifant kan juist heel makkelijk laten. Zijn zwakke kant is te snel -en vaak teveel- passief en/of langzaam zijn. Tijdens het mediteren kan juist de Olifant in slaap vallen.

Een Olifant heb je ogenblikkelijk op de kast door hem proberen op te jagen. Net zoals je een Tijger op de kast krijgt door te zeggen ‘Dat kun je niet.’ Of ‘Dat lukt je niet.’ Een Hert jaar je gemakkelijk op de kast door te zeggen ‘Doe eens één ding en niet meerdere dingen tegelijk!’

De Olifant dient veel tijd te besteden door er geestelijk bij te blijven, alert te zijn. Binnen een seconde dwalen zij af tot niets. Tot rust en passiviteit. ‘Slomigheid’ zeggen de anderen. Of erger: ‘luiheid’!

Zijn pluspunt, zijn diepe rust waar vandaan het prima mediteren is, kan makkelijk omslaan in geestelijke en/of lichamelijke stilstand.

Nog meer verschillen in meditatie

Voor het Hert werkt een visualisatie waarbij zijn fantasie (‘dromerigheid’ zeggen de anderen) geprikkeld wordt goed.

Niet bij de Tijger, zijn meditatievorm moet strak, simpel en direct gerelateerd zijn aan het doel. Neem nu een meditatie om het aura te reinigen. Het Hert vindt het prima om dit te doen via fantasievormen. Zoals je voorstellen dat je een boom bent met vogels. En naarmate jij je aura dichter om je heen trekt neemt het aantal vogels toe en krijgen jouw vogels prachtige kleuren en de energie die van anderen is verschijnt in vogels met totaal andere kleuren die wegvliegen van je vandaan.

Dit is echt niks voor een Tijger. Geef hem maar gewoon recht toe rechtaan je aura schoonmaken. Bijv. door zich voor te stellen dat hij zijn aura naar zich toe trekt en het ‘gewoon’ schoonmaakt. Gewoon, zoals hij de zaken in zijn dagelijks leven schoonmaakt, bijv. met een borstel of water.

De Olifant maakt het niet zo uit, hij kan met beide vormen voldoende uit de voeten. Hij komt niet innerlijk in protest bij een fantasiebeeld of een plastische schoonpoetsmeditatie. Lekker makkelijk zo’n Olifant. Dat is ook een goede trek van hen. Olifanten zijn makkelijk in de omgang … behalve dan als jij een vlot tempo wilt. Daar hebben ze toch zo’n broertje dood aan.

Veel plezier weer met mediteren en vooral als je je voordeel ermee doet de meditatie goed op je eigen constitutie aan te passen.

Back To Top